Style

Visionair in vormgeving

Ze is verantwoordelijk voor een van de bekendste modernistische meubelontwerpen van de twintigste eeuw. Toch roept de naam Charlotte Perriand niet direct evenveel herkenning op als die van de man met wie ze hieraan samenwerkte: Le Corbusier. Fondation Louis Vuitton in Parijs eert deze vooruitstrevende ontwerper in een groots retrospectief.
Reading time 6 minutes
Het beroemde interieur van Le Corbusier, Pierre Jeanneret en Charlotte Perriand dat tijdens de Salon d’automne van 1929 voor het eerst werd getoond.

Het is 1927 als Charlotte Perriand (1903–1999) met een ontwerp van gechromeerd staal en geanodiseerd aluminium het hart verovert van de Zwitsers-Franse architect Charles-Édouard Jeanneret-Gris, oftewel Le Corbusier. Hij vraagt haar direct om met hem en zijn neef Pierre Jeanneret samen te werken in zijn studio en maakt haar verantwoordelijk voor de interieurontwerpen. De jonge ontwerper heeft net haar studie aan de Ecole de L’Union Centrale de Arts Décoratifs in Parijs afgerond. Het is in die tijd niet gebruikelijk om als vrouw te studeren. En al helemaal niet om werkzaam te zijn als ontwerper of interieurarchitect. Vrouwelijke voorbeelden? Mais, non. Alleen iemand als de Ierse Eileen Gray timmerde op dat moment aan de weg als grande dame van de architectuur. Verder zijn het louter mannen die zich in de design- en architectuurwereld begeven. Desondanks ziet Le Corbusier het talent en de tomeloze werklust van Perriand en haar sekse staat hem niet in de weg om een samenwerking aan te gaan. 

De tien jaar dat ze met de heren samenwerkt zijn bepalend voor alle drie. Innoverende stalenbuisontwerpen zoals de LC2 Grand Confort, de leren stoel met chromen buisframe, en de B306, de minimalistische chaise longue met karakteristiek hoofdkussen, zorgen voor een uitwisbare voorloperspositie in de geschiedenis van hedendaagse vormgeving, zo zal later blijken. De meubels worden in 1929 op de Salon d’Automne, een belangrijke kunstmanifestatie in die tijd, voor het eerst tentoongesteld. De reacties zijn zeer enthousiast en de ontwerpen worden prompt in productie genomen door Thonet en later door het Italiaanse designlabel Cassina. 

Boven: Charlotte Perriand in 1987.

Vanzelfsprekend zijn de ontwerpen te zien vanaf oktober in een solo-expositie van Perriand in de Fondation Louis Vuitton. Sterker nog: er is een reconstructie van de presentatie op de Salon d’Automne met de authentieke heruitgaven van het meubilair te bewonderen. ‘Het werk van Charlotte Perriand is van onschatbare waarde voor de verdere ontwikkeling van hedendaags design zoals we dat nu kennen’, zegt Olivier Michelon, curator bij Fondation Louis Vuitton. ‘Daarom organiseren we, twintig jaar na haar overlijden, een grote tentoonstelling over Perriand met als hoogtepunt haar presentatie tijdens de Salon d’Automne die we opnieuw opbouwen. Het is trouwens de eerste keer dat we in de Fondation Louis Vuitton een expositie aan één kunstenaar wijden. Maar zij verdient deze aandacht. Ze belichaamt de overgang van negentiende eeuwse tradities naar het hedendaagse model dat we nu kennen.’

Het dressoir van Charlotte Perriand en Pierre Jeanneret en het werk van de twee vrouwen met bloemen van de Franse kunstschilder Fernand Léger.

JAPANSE INSPIRATIE

Hoewel haar werken met Le Corbusier hoogtepunten in haar carrière zijn, stopt Perriand na een decennium van intensieve samenwerking. Michelon voegt toe: ‘Perriand was een magneet, die veel andere invloedrijke creatieven om zich heen wist te verzamelen, van Le Corbusier tot Jean Prouvé. Niet de minsten. Ze had de gave om hen te inspireren en samen tot vernieuwende ideeën te komen.’ Haar fascinatie voor industriële vormgeving, grote politieke betrokkenheid, het heroverwegen van de rol van de vrouw en de noodzaak om opnieuw contact te maken met de natuur: het zijn belangrijke thema’s voor de ontwerper. Bedenk wel, in de jaren dertig van vorige eeuw zijn dit zeer progressieve gedachten. Toch is het tijd om haar horizon te verbreden. In 1940 vertrekt de Francaise naar Japan. Een exotische bestemming, die een blijvende invloed op haar ontwerpethiek en -esthetiek zal uitoefenen. Als adviseur voor industrieel ontwerp bij het ministerie van Handel en Industrie verovert het land en zijn gebruiken haar hart. Ook raakt zij er bevriend met een van de meest invloedrijke Japanse designers van de vorige eeuw: Sori Yanagi. De twee stimuleren elkaar op zowel intellectueel als artistiek gebied. ‘De tentoonstelling Selection, Tradition, Creation in 1941 kun je beschouwen als een soort manifest van Perriand voor het gebruik van traditionele materialen zoals bamboe’, vertelt Michelon. ‘Het beïnvloedde een hele generatie Japanse ontwerpers.’

Perriand belandt in Vietnam maar wordt in ballingschap gehouden vanwege de oorlog. Toch weet de ontwerper er een positieve draai aan te geven, want ze verdiept zich hier in houtbewerking, iets wat ze daarna veelvuldig gebruikt in haar werk. Na de Tweede Wereldoorlog keert zij terug naar haar geboorteland Frankrijk. Het land ligt in puin en Perriand denkt na over haar bijdragen aan de wederopbouw. De kamers die ze vormgeeft voor het Maison du Mexique (1952) en de studentenwoningen Maison de la Tunisie (1952) in Parijs illustreren haar benadering van minimale ruimtes en de integratie van meubels, architectuur en kunst. Haar ideeën zijn natuurlijk van fysieke aard, maar tegelijkertijd ook een metafoor voor de vernieuwingsdrang na de oorlog. Met als ultieme voorbeeld de open keuken die ze ontwerpt voor Le Corbusiers Unité d’Habitation in Marseille, een wereldberoemd wooncomplex uit 1952 waarin sociale functies centraal staan. De activist in Perriand komt naar boven.

SAMENSPEL TUSSEN MENS EN NATUUR

Langzaam weet de Française uit te groeien tot een van de belangrijkste figuren in de architectuur- en designwereld. Ze doet interieurprojecten voor Air France en het Palais des Nations in Genève. Maar Perriand wil meer. Hoewel ze niet opgeleid is tot architect weet ze in Les Arcs, een skigebied in de Franse Alpen, een visionair project uit te voeren. Vanaf 1967 ontwikkelt ze samen met Roger Godino het autoloze bergdorp. Les Arcs kent een humanistische benadering van hoe een wintersportvakantie eruit zou moeten zien. Denk aan een subliem samenspel tussen natuur en architectuur. De minimalistische recreatiewoningen van Perriand zijn een schoolvoorbeeld van hoe prefab-elementen en maatwerk samenkomen. Zij ontwerpt als het ware de studio’s van binnenuit. Het verraadt haar jarenlange ervaring als interieurarchitect. Het zal een van haar belangrijkste projecten worden, daar zij zich twintig jaar, van 1967 tot 1987, vastbijt in de ontwikkeling van Les Arcs.

 

Het woord ‘vernieuwing’ vormt de rode draad in de dingen die de onvermoeibare ontwerper telkens nastreeft in haar carrière. Waarbij ze overigens altijd trouw blijft aan haar principes: nuttige vormen ontwerpen en het integreren van zowel geavanceerde technologieën als de savoir-faire over verschillende culturen. Michelon: ‘Perriand is scherpzinnig in haar aandacht voor het milieu en het samenspel tussen mens en natuur. La Maison de Thé uit 1993 is hiervan een goed voorbeeld. In de laatste galerij van de tentoonstelling word je als bezoeker uitgenodigd om er te mediteren over de plaats van de natuur en het belang van de dialoog tussen culturen. Het is een van mijn favoriete onderdelen van de expositie.’ Hij vervolgt: ‘Het bijzondere is dat we veel reconstructies van haar werk hebben, waardoor je je letterlijk kunt onderdompelen in haar architecturale wereld. De thema’s die Perriand aanboort zijn bovendien uiterst actueel: de rol van de vrouw, hoe om te gaan met de natuur, sociale architectuur. Ja, zij was een absolute visionair. Een avantgardist met lef en lak aan regels.’ Girlpower avant la lettre.

T/m 24 februari 2020: ‘Charlotte Perriand’,
Fondation Louis Vuitton, Parijs.

www.fondationlouisvuitton.fr

Foto Adagp, Paris, 2019: © Archives Charlotte Perriand

Tags

Lees ook

Aanbevolen voor jou