People

Rond de tafel met multi-talent Lou Doillon

Wat kunnen we nog zeggen over Lou Doillon dat niet al honderd keer gezegd is? Model, muzikante, actrice, muze, dochter van, halfzus van, zus van, gezicht van … Kortom: multigetalenteerd. Haar nieuw verschenen album is een perfecte aanleiding voor een goed gesprek met de Frans-Britse schoonheid.
Reading time 11 minutes

Ze draagt een varsity jacket, band-T-shirt, jeans en een petje. Lou Doillon is op haar gemak als ze op de shoot verschijnt. Als het op de kunst van het combineren aankomt is ze een natuurtalent. Vintagestukken met haute couture? Broeken met hoge taille, wijde pijpen, laarzen, hoeden, fluwelen blazers en dus ook bandshirts: Lou mixt en matcht het. Ze is dé belichaming van de bohemien rock-chic met een lading seventiesstijl en flinke dosis Parijse nonchalance. Of, zoals zij het zelf verwoordt: ‘Ik kleed me niet voor de anderen, want stijl vind ik een heel persoonlijke zaak. Ik wil graag lol maken als ik looks verzin en deze moeten mij naar een bepaalde plek brengen en naar iemand verwijzen. Dat kan een podium zijn met gitarist en Led Zeppelin-oprichter Jimmy Page, die dol was op flared pants of naar Stevie Nicks, zangeres van Fleetwood Mac vanwege haar riemen met enorme gespen.’ Muziek, en in het bijzonder die van de jaren zeventig, zijn continu aanwezig in Lous leven. En dat is grappig, want zelf is zij van 1982.

Toen ze klein was customizede ze haar eigen kleding en vond het heerlijk om door de kasten van haar broer, zussen, moeder en vader te gaan op zoek naar blazers en blouses. ‘Ik wilde opgemerkt worden’, zegt ze over die verkleedpartijen.

Met de sterren- en stijlicoonstatus van mama Jane en later die van halfzus Charlotte Gainsbourg lag het voor de hand dat Lou niet onopgemerkt zou blijven. En zo geschiedde: ze begon haar acteercarrière op vijfjarige leeftijd in de film Kung-Fu Master – van de onlangs overleden Agnès Varda – en speelde op haar negende in Trop (peu) d’amour, een film van haar vader, filmmaker Jacques Doillon. Lou groeide dus op tussen de glitter, glamour van de film- en modewereld en belandde permanent in die laatste op negentienjarige leeftijd toen ze de muze van Givenchy werd. Sindsdien schitterde ze in campagnes van onder andere Tom Ford, Chloé en Miu Miu; ze werd onder anderen gefotografeerd door Inez en Vinoodh, Mario Sorrenti en Paolo Roversi. Onlangs presenteerde Lou haar nieuwe album derde album Soliloquy.

Op de foto boven: jurk, pumps, GUCCI.

Wat kun je ons vertellen over je nieuwe album Soliloquy?
‘Ik geloof dat je, wanneer je iets artistieks wil creëren, altijd helemaal from scratch moet beginnen en alles en jezelf opnieuw moet uitvinden. Bij elk album dat ik maak heb ik het gevoel dat het mijn debuut is. Ik probeer dan een gevoel van opwinding en euforische nostalgie op te roepen. Voor Soliloquy ging ik de studio in zonder mijn akoestische gitaar – die ik altijd gebruik als ik muziek en teksten schrijf – en begon songs op te nemen met alleen drums en zang, om te zien of de tracks dezelfde energie konden bevatten. Vervolgens voegde ik elektrische gitaarriffs toe die niet per se melodieus zijn en ook niet specifiek bij de melodie passen. Ik wilde bij mezelf een gevoel oproepen van een vrouw versus de grote boze wereld. Red ik het wel? En red ik mijzelf?’

Een soliloquy kan een monoloog zijn, maar dat hoeft niet per se. Kun je beschrijven wat je bedoelt met de titel?
‘De enige referentie die we hebben, tijdens de rit die ons leven is, zijn wijzelf. Ik werk alleen en besteed veel tijd aan reflectie en observatie. Net als iedereen voer ook ik een innerlijk gesprek met mijzelf; dat is een immer voortdurende strijd. En ik vind het belangrijk en ook gezond dat men dat doet. You can’t bullshit yourself, want anders wordt die rit een hele vervelende. De mens heeft allerlei media gecreëerd die ons helpen weg te lopen van onszelf, onze diepste gedachten en de realiteit, en dat is gevaarlijk. Daarom ben ik erg voorzichtig met dat innerlijke gesprek, maar dit moet wel altijd doorgang vinden.’

Wat wil je je publiek vertellen via je liedjes en songteksten?
‘Oeh, dat is een ingewikkelde vraag. Om eerlijk te zijn heb ik geen idee wat ik wil dat het publiek begrijpt of niet. Ik denk dat ik schrijf over de patronen waarin we leven, de gemeenschappelijke gevoelens die we hebben en mijn ervaringen. Ik hou van het idee dat ik een draadje begin te rijgen en dat dit kan worden overgenomen door iemand en verder kan zonder mij. Muziek is geweldig omdat het een intellectuele kant heeft, maar meestal is er een soort heidense verstandhouding. Ongeacht de taal of stijl begrijpen mensen het instinctief.’

Wie zijn je grootste invloeden in de muziek?
‘Muzikanten die hun eigen muziek schrijven hebben mij altijd het meest kunnen bekoren. Ik voel het wanneer een artiest in sync is met zijn of haar eigen ritmes. Ik heb geen specifieke voorkeuren qua stijl of genres. Wat ik waardeer is als de artiest genereus en oprecht is. Voorbeelden zijn Nina Simone, Nina Hagen, Patti Smith, Leonard Cohen, Beth Ditto, Fiona Apple, Cat Power, The Slits, Rufus Wainwright, Gil Scott-Heron, Marc Bolan, NTM, Dolly Parton, Mamie Smith, Catherine Ringer, Sister Rosetta Tharpe enzovoorts.’

Kun je vijf van jouw favoriete artiesten noemen die altijd in je afspeellijst staan? En waarom?
‘PJ Harvey, omdat ik van haar hou! Cat Power: zij is mijn koningin. Fiona Apple, want zij voedt mijn honger. Television: Marquee Moon is een van mijn favoriete nummers. En Siouxsie and the Banshees, een van mijn favoriete bands.’

Op de foto boven: jasje, rok, hoed, pumps, GUCCI.

Wie hebben jou beïnvloed bij het tekenen en ontwerpen?
‘Ik denk dat ik me aangetrokken voel, net als zovelen, door wat me raakt of mij herinnert aan hoe ik dingen voel of zie. Ik ben een zeer nostalgisch persoon en herken dat onmiddellijk in anderen. Dus de werken van Sophie Calle, Tracy Emin, Christian Boltanski, Louise Bourgeois, Kiki Smith en Annette Messager raken mij soms echt heel diep. Maar ook heb ik een obsessie voor het klassieke en het bizarre. Dat gaat van Leonardo da Vinci en Jeroen Bosch tot Egon Schiele en Odilon Redon.’

De mode dan! Zou je jouw perfecte outfit kunnen omschrijven?
‘De perfecte outfit komt overeen met wat Roland Barthes over kleding zei: le sensible devenu signifiant: het waarneembare wordt significant. Kleding is een weerspiegeling van iemands innerlijk en gevoelens. Alles wat ik draag moet een betekenis hebben. Ik draag kleding die me doet denken aan mensen of die toebehoorden aan mensen, die een eerbetoon zijn aan iemand of iets. Ik heb bijvoorbeeld groene Gucci-laarzen en deze zijn voor mij een hommage aan Stevie Nicks en Mary Poppins. En mijn fluwelen cape is een hommage aan Veronica Lake. Op het podium heeft Gucci een pak voor mij gemaakt dat mij doet denken aan Nick Cave, die ik aanbid.’

‘“When you stop growing you start dying” schreef William S. Burroughs en dat is mijn motto’

In een eerder interview met ons zei je: ‘Ik doe alles in drie stappen en drie jaar. Het eerste jaar ben ik gewoon thuis aan het creëren en schrijven. Tijdens het tweede bevind ik me meestal in de studio om liedjes op te nemen en het derde jaar bestaat uit toeren. Daarna stopt die cyclus.’ Werk je nog steeds zo?
‘Ja, absoluut! Behalve dat ik nu wel veel projecten heb lopen die op zichzelf al ongeveer drie jaar in beslag nemen. Toen ik drie jaar geleden op tournee was, begon ik al met schetsen voor een boek. Ik ben nu bezig met een aantal samenwerkingen, waaronder tekenen en liedjes schrijven voor anderen. It’s very exciting.’

Je bent nu weer aan het toeren, hoe gaat dat? Hoe bevalt het leven ‘on the road’?
‘Ik vind het geweldig om op tournee te zijn: het brengt me terug naar mijn kindertijd. Het is echt te gek om de wereld rond te reizen en om mensen te ontmoeten die verbinding voelen met mijn muziek. Ook is het fantastisch om elke dag met mijn band samen te zijn. Mijn kantoor zit in mijn tas, ik heb niet veel nodig. Onderweg zijn voedt mijn creatieve proces en zorgt ervoor dat ik daar alleen maar mee bezig ben in plaats van met huishoudelijke klusjes!’

Plisséjurk, metalen armbanden, sneakers, GUCCI.

Ben jij content met de sterke female empowerment-beweging die steeds sterker wordt?
‘Ja, absoluut! Ik ben heel blij dat ik een vrouw ben tijdens deze geweldige wakeup- periode. Vrouwen en meisjes hebben lang genoeg geleden en er is nog heel veel werk aan de winkel. Ik vind mooi om te zien dat mensen beter over zaken nadenken en ook over hun eigen gedrag: zich afvragen wat betrokkenheid is en hoe ze iets kunnen veranderen. Ik ben erg trots op de jonge vrouwen overal ter wereld die dingen zichtbaar veranderen en hun stempel drukken op deze tijden op een manier die een geweldige les is voor ons allemaal: vrouwen én mannen. Het is het begin van iets groots.’

Wat is in jouw ogen de typische Parisienne-look?
‘Een vrouw die zichzelf altijd een beetje underplays. Een Parisienne, als zij al bestaat, remt altijd net op tijd af voor zij de perfectie nadert. Zo behoudt zij haar charme. Dus draagt zij dé it-bag en de parels, maar geen make-up en “gewoon” een spijkerbroek. Of schitterende hakken en gestifte lippen, maar nonchalant haar. Ze is een beetje een snob die niet wil laten zien dat ze juist ontzettend haar best heeft gedaan, haha!’

Welke uitdagingen kom je tegen bij het zingen, acteren en ontwerpen?
‘De uitdaging is om dingen te doen waarvan jij zelf denkt dat ze goed zijn. Dat je niet teveel beïnvloed wordt maar toch goed luistert naar kritiek en om nederig te zijn en elke dag te leren van iedereen. Om gul te zijn en open te blijven ongeacht wat er gebeurt.’

Wat vind je van de nieuwe generatie zangeressen, actrices en modellen?
‘Ze zijn de spelregels opnieuw aan het uitvinden. Dat is spannend maar soms ook verontrustend, omdat je weet dat de oude manier van werken als de Titanic aanvoelt en dat de jeugd alles uitdaagt wat al eens is gedaan, op een goede en slechte manier. Er is een empowerment die ik betoverend vind, maar soms schrik ik ook wel van al het geweld. De connecties van vandaag de dag, internet en sociale media, in combinatie met eenzaamheid, vind ik een uitdaging voor ons allemaal.’

Op de foto boven: jurk, babydoll, GUCCI.

Heb jij specifieke rituelen voor een concert?
‘Ja, ik heb er veel en er komen er steeds meer bij, haha. Het is wel afhankelijk van de staat waarin ik verkeer. Ik heb een moment voor mijzelf nodig en daarna moet ik de stemming van de band voelen, dicht bij hen blijven en veel met ze giechelen. Dan heb ik ook nog mijn stenen, kaarsen en een hele waslijst met dingen die ik wil doen.’

Hoe daag jij jezelf uit met je kunsten – zingen, tekenen, ontwerpen – om scherp te blijven?
‘Elke dag is een uitdaging die ik bereid ben op te pakken. “When you stop growing you start dying” schreef William S. Burroughs en dat is mijn motto. Leren, creëren en opnieuw beginnen.’

Wat is volgens jouw je grootste vaardigheid als mens?
‘Mijn nieuwsgierigheid.’

Wat is volgens jouw je grootste vaardigheid als performer?
‘Hopelijk mijn eerlijkheid.’

Wat is je grootste droom als het op zingen aankomt?
‘Om te blijven zingen tot het einde.’

Wat is je grootste droom als persoon?
‘Om gelukkig te vertrekken, klaar om te gaan.’

Credits:

Fotografie: Mote Sinabel Aoki
Styling: Renata Brosina
Haar: Ralph Martinoli
Make-up: Tatsu Yamanaka
Locatie: Hotel Plaza Athénée

Tags

Lees ook

Aanbevolen voor jou