Hommes

Hommes to watch: Mingus Dagelet

De veelbelovende jonge acteur Mingus Dagelet (1991) studeerde afgelopen jaar af aan de toneelschool in Maastricht.
Reading time 5 minutes

Je komt uit een artiestenfamilie. Hoe was dat om in op te groeien?

‘Dat is moeilijk om objectief te bekijken maar ik heb mijn gezin wel altijd als warm ervaren, ook al was elke dag anders. Ik merkte vooral de gevolgen van wat mijn ouders deden. Mijn vader is acteur en mijn moeder muzikant; zij kozen voor een freelance bestaan. Wij hadden altijd creatieve mensen over de vloer en er gebeurde altijd van alles bij ons thuis. Heel leuk, maar ook onrustig. Buitenshuis gebeurde er ook veel: we gingen naar optredens, voorstellingen, concerten. Ik was me er als kind niet echt bewust van dat we als gezin “anders” waren, vooral omdat de mensen in ons leven – acteurs, regisseurs en kunstenaars – ook anders waren. Ooit bespeelden we allemaal een instrument in een familievoorstelling tijdens de Parade in Amsterdam. Ik denk daar met veel plezier aan terug, maar het is ook gewoon werk en voor een kind is dat heftig. Terwijl onze klasgenoten buitenspeelden, waren wij aan het repeteren.’

 

Stimuleerde je vader je om ook de filmindustrie in te gaan of hield hij dat juist tegen en waarom?

‘Nee helemaal niet, hij was best veel afwezig toen ik opgroeide. We hebben wel dezelfde muzieksmaak: houden allebei van jazz, terwijl we dat niet eens van elkaar wisten. Hij zette een keer een plaat op en ik schrok en vroeg wie dat waren. Omdat we een passie voor muziek en acteren delen is alles heel natuurlijk gegaan.’

 

Had je vroeger ook al gevoel voor drama of is dat er later pas bij ingeschoten?

‘Iedereen in mijn gezin is vrij temperamentvol. Dat is onze manier van onszelf uiten, want iedereen heeft een uitlaatklep nodig. Daarnaast hield ik er altijd wel van om showtjes weg te geven; het was mijn moment om de spotlights te pakken. Zo imiteerde ik bijvoorbeeld het weerbericht op televisie. Vroeger keek ik altijd naar Indiana Jones-films, en ook wilde ik archeoloog worden. Nu wil ik nog steeds onderzoeker zijn, maar dan op acteergebied.’

"Ik denk dat we allemaal minder naar verschillen moeten kijken: afkomst moet geen rol spelen."

De Nederlandse filmindustrie is in de laatste jaren heel populair geworden. Merk jij hiervan iets als acteur?

‘Het is een hele compacte industrie. Met name romantische comedy’s zijn heel populair en daarin blijven we enigszins hangen. Hoeveel andere categorieën zien we nou in Nederland? Uiteindelijk weten we waar onze kracht ligt en dat wordt duidelijk benut. Er is door deze groei aan populariteit zeker meer werk als acteur, maar dat komt ook door de opmars van online streamingdiensten zoals Netflix. Er zijn geen grenzen meer en daardoor wordt het werk internationaler. Veel filmmaatschappijen doen aan coproducties waardoor ze acteurs nodig hebben uit diverse landen. Denk bijvoorbeeld aan Game of Thrones.’

 

Ben je bang voor typecasting?

‘Daar denk ik eigenlijk nooit aan. Ik heb al veel dingen gedaan die niet gelinkt zijn aan mijn achtergrond. Ik heb net de productie Mannentester gedraaid en daar komt mijn afkomst niet aan de orde. Maar in Vrijland speelde ik de Marokkaanse Mo. Tuurlijk wordt er weleens getypecast, maar dat betekent niet dat je voor minder rollen in aanmerking komt. Ik denk dat we allemaal minder naar verschillen moeten kijken: afkomst moet geen rol spelen.’

 

Met wie zou je graag willen werken?

‘Mijn droom is om eens in een film van Wes Anderson te spelen, die man is geniaal! Zijn teksten en scripts zijn geweldig, samen vormen ze het fundament van een goed verhaal. Een Anderson-film is uit duizenden te herkennen. In Nederland zie je vaak dat verhalen heel netjes verteld worden, maar Anderson doorbreekt alle barrières en dat maakt zijn werk fantastisch. Alle acteurs in zijn films worden volledig op een Anderson-manier geregisseerd en opgeslokt in het verhaal. Ik ben heel benieuwd hoe hij dat bij mij zou doen.’

 

Zou je ooit naar Hollywood willen?

‘Zelf hoef ik niet per se naar Amerika, want ik hou heel erg van Nederland. Veel Nederlandse collega’s reizen op en neer als ze een Amerikaanse productie hebben. Hier kun je nog heerlijk anoniem door de stad fietsen. Ik kwam laatst André van Duin tegen, gewoon op de fiets onderweg naar de bakker. Dat is typisch Hollands, lekker nuchter. Ook is het zo dat de filmindustrie zich niet meer enkel in Hollywood bevindt. Maatschappijen opereren vanuit bijna elke plek op de wereld. Daardoor ben ik zelf ook bezig geweest met mijn internationale portfolio.’

 


Fotografie: Cooper Seykens

Lees ook

Aanbevolen voor jou