Beauty

De mythen en legenden van parfum

Sommige geuren zijn dankzij een doorbraak in het verleden de klassiekers geworden die we anno nu nog steeds graag dragen. Een (her)ontdekkingsreis langs twaalf historische olfactorische hoogtepunten.
Reading time 5 minutes

First (1976) van Van Cleef & Arpels, het pronkstuk. De eerste geur van een juweliersmerk. First moest een parfum zijn dat rook en oogde als een juweel. Het parfum is een creatie van meesterparfumeur Jean-Claude Ellena en geurt naar een groot boeket vol jasmijn en bloemige hedione. Een parfum met meer dan honderd verfijnde ingrediënten.

L’Air du Temps (1948) van Nina Ricci, het icoon. Na de oorlog volgde een nieuw tijdperk van vrede en een eerste ontwerp voor de flacon van deze geur. Het tweede ontwerp stamt uit 1951; de flacon bleef sindsdien onveranderd. De iconische fles van glaskunstenaar René Lalique is een soort kristallen wervelwind, waarop twee duiven te zien zijn. De geur is een weelderig bouquet van anjer, roos, gardenia, jasmijn, iris met kruiden en sandelhout op de achtergrond. L’Air du Temps werd in 1999 verkozen tot flacon van de eeuw.

Nº5 (1921) van Chanel, het archetype. Omschreven als ‘een vrouwelijk parfum met de geur van een vrouw’. De Nº5 werd gemaakt door Ernest Beaux met uitgesproken bloemengeuren (roos en jasmijn) en vleugjes aldehyde en metaal. De markante vierkante fles met achthoekige dop ademt de sobere elegantie van een zwart-witdesign. Chanel Nº5 was de favoriete geur van Marilyn Monroe. Al deze elementen vormen de ingrediënten voor het meest beroemde parfum van de wereld, de blauwdruk voor alle geuren.

Shalimar (1925) van Guerlain, de mythe. Op een betoverende weg naar India, in de schaduw van de Taj Mahal, bloeide een prachtig liefdesverhaal op. Het leidde tot de geboorte van een oriëntaals kunstwerk, opgebouwd rond een bloemig hart met een sensuele achtergrond op basis van wierookhars, tonkaboon en ethylvanilline. De fles, een mysterieus ‘schild’ met blauwe waaiervormige dop, is als een proloog van dit schitterende verhaal. 

Diorissimo (1956) van Dior, het model. Christian Diors passie voor bloemen leidde tot Diorissimo: een soliflore, oftewel een geur opgebouwd rond één bepaalde bloem. In dit geval het lelietjevan- dalen, een onderbelichte bloem in de parfumerie. Deze geluksbrenger is verrijkt met akkoorden van jasmijn en boronia. Het leidde tot deze prachtige creatie van Edmond Roudnitska. De parfum bezat eerst een kristallen kruikvormige flacon en kreeg later een behuizing in de vorm van een geometrische fles met ovalen hart.

Trésor (1990) van Lancôme, de schat. Met zo’n naam leg je als parfumhuis de lat hoog. A selffulfilling prophecy: Trésor werd een enorm succes. Dit relatieve jonkie is gecreëerd door Sophia Grojsman – ‘de alchemist van de rozen’ – rondom Turkse roos met honing en pittige accenten van amber, vanille en hout op de achtergrond. De piramidevormige fles en prachtige muzen, onder wie Isabella Rossellini, Kate Winslet en Penelope Cruz, droegen eveneens bij aan het succes van deze geweldige geur.

Caleche (1961) van Hermès, het zinnebeeld. Deze parfumfles is grappig genoeg geïnspireerd door de vorm van een lamp. Het zeer vrouwelijke parfum werd uiteindelijk wel een van de Hermès-klassiekers. De geur, vol van citrustonen, floreert rond een bloemig hart met ylang-ylang, roos en jasmijn gecombineerd met iris, vetiver en sandelhout.

Opium (1977) van Yves Saint Laurent, de legende. Omdat hij gefascineerd was door het Verre Oosten, droomde Yves Saint Laurent ervan een parfum te ontwikkelen voor een Chinese keizerin. De naam moest prikkelend zijn en doen denken aan een goede verslaving. De flacon heeft de vorm van een inrō, een Japans zegeldoosje, met een rood lakeffect en glazen doorkijkje. Dit krachtige parfum, voorzien van een bloemig hart met pittige tonen van kruidnagel en kaneel, is de perfecte oosterse verleiding.

 

Angel (1992) van Mugler, de briljant. De benjamin van onze lijst. Deze ufo van de parfumwereld was het eerste parfum van wat uitgroeide tot een zeer grote familie. De creatie van Olivier Cresp voldeed precies aan de wens van Thierry Mugler. Hinten van rood fruit en praline stoeien onder meer met vanille en een hoge dosis patchoeli. En dat allemaal in een bijzondere, stervormige blauwe fles.

Calandre (1969) van Paco Rabanne, de avant-garde. ‘De metallurg’, zoals Coco Chanel hem noemde, speelde graag met inhoud en materialen. Calandre is een ode aan metaal. De fles, versierd met een felzilveren rand, knipoogt naar de vorm van een autoradiator. Bloemig groene en metallic geuren, dankzij tonen van aldehyden, worden vermengd met houttonen en eikenmos. Deze futuristische geur is gebaseerd op het idee van een zinderende omhelzing in een auto.

 

Femme (1945) van Rochas, de verhevene. De kwintessens van vrouwelijkheid in een amfoorvormige flacon. De weelderige rondingen doen denken aan Mae West. Edmond Roudnitska (zie ook Diorissimo) kwam op het idee om zijn chypre- compositie te larderen met krachtige en fruitige tonen. Zoals pruimen, kaneel en kruidnagel. Een ode aan de nieuwe vrouw van Marcel Rochas, de mooie Hélène.

Arpège (1927) van Lanvin, de eeuwige. Jeanne Lanvin liet Arpège creëren ter ere van dochterlief Marie-Blanche, een sessiemuzikante. Lelietje-van-dalen, seringen en zestig andere ingrediënten komen samen in deze olfactorische parel. De typische flacon, de zwarte bal, is door Paul Iribe vervolmaakt met een gouden illustratie van Jeanne Lanvin die over haar dochter waakt.

Credits:

Fotografie Marine Billet

Tags

Lees ook

Aanbevolen voor jou